Posts tonen met het label taalkunde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label taalkunde. Alle posts tonen

vrijdag 22 augustus 2014

Boekbespreking ‘Found in Translation’

Door Cas Jamin

In oktober 2012 verscheen het boek ‘Föund in TŘansḸatiøn: How Language Shapes Our Lives and Transforms the World’ van Nataly Kelly en Jost Zetzsche. Met negentig korte, aansprekende verhalen illustreren zij het maatschappelijk belang van tolken en vertalen en laten ze zien op welke verrassende manieren het werk van tolken en vertalers het dagelijks leven beïnvloedt.

Found in Translation leest als een trein door de toegankelijke verhalende stijl. De negentig korte verhalen en anekdotes zijn elk op zichzelf interessant, maar vormen ook een geheel door de groepering in zeven hoofdstukken met titels zoals Saving Lives and Protecting Rights in Translation en Partaking in Pleasures and Delighting the Senses in Translation.

Verrassende variëteit

Uit de verhalen en anekdotes blijkt de enorme variëteit aan specialisaties binnen de vertaalbranche: van het tolken in een medische of diplomatieke setting tot het vertalen van verdragen, wijnlabels, literatuur of de catalogus van IKEA. Zelfs de doorgewinterde tolk of vertaler zou verrast kunnen zijn over de betrokkenheid van zijn of haar vakgenoten bij ruimtemissies, het oplossen van een medisch mysterie, de verspreiding van modetrends of het doen herleven van een bedreigde taal.

Taalkundige en culturele diversiteit

In verscheidene verhalen, anekdotes en kaderteksten gaan de schrijvers in op de taalkundige en culturele diversiteit in de wereld en hoe vertalers manieren weten te vinden om de verschillen te overbruggen. Zo staat er een mooi verhaal in over hoe een tienkoppig interdisciplinair team van het Poetry Translation Centre te werk gaat bij het vertalen van poëzie uit het Shuar. Deze taal wordt gesproken door de Shuar-indianen in Ecuador en Peru.

Een ander mooi voorbeeld is het verhaal van een gebarentolk die als horend kind van dove ouders opgroeide met zowel de Amerikaanse Gebarentaal als het Engels. Hierdoor kan hij tolken met grote snelheid en is hij als geen ander in staat om een brug te slaan tussen de horende en dove gemeenschap.

Miscommunicatie

Enkele voorbeelden van wat er kan gebeuren als de taalbarrière wordt onderschat konden natuurlijk niet uitblijven. Zo werd het ambigue Spaanse woord intoxicado door artsen verkeerd uitgelegd als het Engelse intoxicated (onder invloed van drank of drugs). Hierdoor kreeg een achttienjarige jongen, die een hersenbloeding had, niet de juiste behandeling, met quadriplegie (verlamming van beide armen en benen) tot gevolg. [1][2]

Videomateriaal bij het boek

Bij de aankondiging van het boek verscheen dit leuke promotiefilmpje waarin tolken en vertalers je begroeten. Daarnaast is hier een voordracht te bekijken van Nataly Kelly bij Authors@Google. Daarin gaat zij wat dieper in op de thema’s uit het boek.

Conclusie

Found in Translation is een aanrader voor iedere taalliefhebber, tolk of vertaler. Het boek geeft een goed beeld van de rol van tolken en vertalers in onze maatschappij en het biedt iedereen die zich met taal en communicatie bezighoudt ruimschoots stof tot nadenken.

Bronnen
Nataly Kelly & Jost Zetzsche Found in translation : how language shapes our lives and transforms the world. New York: Perigee, Penguin Group, 2012 ISBN 978–0–399–53797–4.

Noten
1 Nataly Kelly. ‘The Value of A Single Word.’ The Interpreters Voice (Winter 2011): 12. Atanet. American Translators Association.
2 Gail Price-Wise. ‘Language, Culture, And Medical Tragedy: The Case Of Willie Ramirez.‘ Health Affairs Blog, 19 Nov. 2008.

maandag 2 juni 2014

Iemand begroeten: het belang van de etnografie van de communicatie

Door Marthe Dijk

Als twee mensen elkaar iets willen meedelen, wordt vaak taal gebruikt. Bijvoorbeeld: ‘Kun je mij nog wat wijn bijschenken?’ Maar taal is zeker niet het enige communicatiemiddel. Degene die meer wijn wil, kan ook zijn glas ophouden. Beide mogelijkheden komen regelmatig voor aan Nederlandse eettafels. Deze manier van communiceren is echter lang niet overal gebruikelijk. Als vertalers zijn we veelal op taal gericht, maar er zijn heel veel culturele factoren die bijdragen aan wat en hoe er gecommuniceerd wordt. Deze worden beschreven in de etnografie van de communicatie.

Antropologie vs. taalkunde
De etnografie van de communicatie is een combinatie van etnografie en taalkunde. In de etnografie houdt men zich hoofdzakelijk bezig met de beschrijving en analyse van cultuur, en in de taalkunde met de beschrijving en analyse van taal. Bij etnografie van de communicatie wordt er een verband gelegd tussen cultuur, taal en gedachten.

Men was zich al langer bewust van het mogelijke verband tussen cultuur en taal, maar pas in 1962 werd de term etnografie van de communicatie voor het eerst gebruikt door Dell Hymes. Hij sloeg een brug tussen de antropologie en de taalkunde door te stellen dat taal niet los kan worden gezien van hoe en waarom mensen taal gebruiken. Het hoe en waarom dragen juist bij aan een beter begrip van de taal. En taal is onderdeel van cultuur.

De etnografie bestudeert de verschillende competenties van de spreker, zoals taalkundige competentie (ben je als spreker in staat een grammaticaal correcte zin te maken?) en communicatieve competentie (gebruik je als spreker een zin in de juiste context?). Een communicatief competente spreker houdt zich aan bepaalde regels. Je moet weten wanneer je moet spreken, wanneer niet, hoe je een gast moet ontvangen, hoe je moet groeten, wanneer je moet groeten, waarover je mag praten, enzovoort. De belangrijkste vraag binnen de etnografie is: wat moet een spreker weten om gepast te communiceren binnen een bepaalde samenleving, en hoe leert een spreker dat?

Groeten bij de Wolof
In de meeste samenlevingen is een vorm van groeten gebruikelijk, zoals ook bij de Wolof in Senegal. De samenleving van de Wolof is gebaseerd op sociale ongelijkheid. Dit is te zien in de hiërarchische verdeling in sociale groepen. Daarnaast komt het ook naar voren in sociale interacties, zoals groeten. Aan de manier van groeten kun je zien welke relatie de sprekers met elkaar hebben. Bij het groeten moeten de Wolof zich aan een aantal basisregels houden. Als twee mensen elkaar kunnen zien, moeten ze elkaar groeten. Zelfs als iemand moet omlopen om te groeten, moet hij of zij toch groeten. Iedereen binnen de dertig meter moet worden gegroet.

Het centrum van de stad, waar de markt is, is sociaal gezien een lastige plek, omdat er veel mensen zijn en alle mensen binnen dertig meter moeten worden gegroet. Om dit makkelijker te maken is het centrum in verschillende zones ingedeeld, zoals de markt, de waterbron, het gebied rond de moskee, de winkels, enzovoort. Je moet iedereen groeten die zich in dezelfde zone bevindt als jijzelf. Als er in jouw zone geen mensen zijn, dan moet je de mensen in de eerstvolgende zone groeten. Als het heel erg druk is in jouw zone, hoef je slechts de twintig dichtstbijzijnde mensen te groeten.

Groeten bij de Baatombu
In Afrikaanse culturen komt het vaak voor dat er iemand is die vragen stelt, en iemand anders die de vragen beantwoordt. Het hoeft niet altijd zo te zijn dat de ondergeschikte persoon de vragen stelt, zoals bij de Wolof het geval is. Het kan ook andersom. Dit verschilt per cultuur.

Bij de Baatombu uit Benin zijn het de personen met een hogere status die het initiatief nemen tijdens het groeten. De toon van de groet zet de toon voor de rest van het gesprek. De belangrijkste functie van de begroeting is om de relatie tussen twee mensen duidelijk te maken door het gebruik en de keuze van verschillende formuleringen.

Net als bij de Wolof is ook de samenleving van de Baatombu gebaseerd op sociale ongelijkheid. Wanneer twee mensen elkaar ontmoeten, is er altijd sprake van een statusverschil. Als beide sprekers dezelfde sociale status hebben, dan neemt een van de twee de rol aan van iemand met een hogere status. Als twee mensen die willen groeten geen bestaande relatie hebben, dan geeft leeftijd de doorslag. Ook onder familieleden bestaat geen gelijkheid. Zelfs bij tweelingen is er ongelijkheid. Degene die als tweede is geboren, heeft een hogere status, omdat hij de eerste eropuit heeft gestuurd om te verkennen.

Naast woordkeus en status speelt ook lichaamstaal een rol bij het groeten. Wanneer de Baatombu groeten, staan ze iets gebogen en zijn hun knieën gebogen. De ondergeschikte zal altijd lager staan, kijkt zijn meerdere niet direct aan en praat zachter. Hij zal altijd korte standaard antwoorden geven. Degene met de hogere status besluit wanneer hij de begroeting beëindigt. Hij bepaalt hoe lang het gesprek duurt. Hij mag wel de tijd van de ondergeschikte persoon ‘verdoen’, maar de ondergeschikte mag dat nooit bij zijn meerdere doen.

Vertalen maar!
Culturele aspecten, zoals de hierboven beschreven voorbeelden, liggen verborgen in geschreven teksten. Sommige hiervan zijn ook voor de vertaling van belang. Het is aan de vertaler om deze signalen te herkennen en om te zetten naar de doeltaal.


Bronnen
William Foley: Anthropological Linguistics: an introduction
Judith Irvine: ‘Strategies of Status Manipulation in the Wolof Greeting’
Muriel Saville-Troike: The Ethnography Of Communication: an introduction
Wendy Schotman: 'The Daily Ritual of Greeting Among the Baatombu of Benin'

vrijdag 17 februari 2012

De talenreis: Het ontstaan van taal

Door Sigrid Lensink-Damen

Als je iemand op straat zou vragen hoeveel talen er in de wereld gesproken worden, zou hij je waarschijnlijk zeggen ‘een paar honderd?’. Wat zou de uitdrukking op zijn gezicht worden als je zegt: ‘Nee, tussen de 6000 en 7000’? In deze rubriek neem ik je mee op reis langs de talen en taalfamilies van de wereld. In dit eerste deel een duik in het verleden.

Het ontstaan van taal
Wij zijn vertalers en ondertitelaars. Wij houden ons nog meer dan andere mensen met taal bezig. Voor ons is taal overal. En voor de hele mensheid geldt, dat wij ons van andere diersoorten onderscheiden door taal. Maar hoe oud is taal eigenlijk? Wanneer is taal ontstaan? Hebben alle talen een gemeenschappelijke voorouder?

Het is niet zo eenvoudig antwoord op deze vragen te geven. De onderzoeken naar het ontstaan van taal en de verspreiding van talen over de wereld, staan eigenlijk nog in de kinderschoenen. Er bestaat ook geen eenduidige visie op het ontstaan van talen.

Verschillende benaderingen
De een benadert dit vraagstuk via de evolutietheorie en gaat in de taal op zoek naar de kleinste klankeenheden die nog betekenisverschil aangeven (fonemen, zoals ‘d’ in dik, als je dit vervangt door ‘l’ of ‘s’ krijg je een ander woord met een andere betekenis) en probeert de afgeleiden daarvan terug te vinden in andere talen en op andere plaatsen. Hoe minder een taal verspreid is, hoe minder fonemen hij heeft, is uit eerdere studies gebleken.

Een andere benadering is dat de mens een aangeboren ‘linguïstisch instinct’ heeft. Noam Chomsky is een van de bekendste pleitbezorgers van deze theorie. Volgens Chomsky heeft de mens een aangeboren grammatica waaruit hij die modules kan kiezen die hij nodig heeft om zijn moedertaal te kunnen spreken. Bij het ontstaan van taal zou er ook een bepaald deel in de hersenen zijn gegroeid, de zogenaamde taalmodule.

Taalkundige tijdreis
Volgens recente studies is taal waarschijnlijk ontstaan en geëvolueerd tijdens de overgang van homo erectus naar homo sapiens, zo’n 100.000 jaar geleden. Hiervoor zijn aanwijzingen gevonden in de fysieke ontwikkeling van de eerste mens. Om meer dan losse kreten te kunnen produceren, moest het mond-keelgebied, het vocale apparaat, zich ontwikkelen tot wat het nu is.

Ongeveer 40.000 jaar geleden kwam de ontwikkeling van taal in een stroomversnelling doordat onze herseninhoud groeide en de samenleving complexer werd: de mens ging gereedschap maken, hutten bouwen en land bewerken. Daarbij waren goed communiceren en samenwerken een vereiste: taal was geboren.

Verspreiding van talen
Omdat de eerste mens in Afrika woonde, wordt aangenomen dat taal is ontstaan in Afrika en van daaruit over de wereld is verspreid. Om erachter te komen hoe dit gebeurde en wanneer, proberen historische taalkundigen de evolutionaire stappen terug te volgen. Bij gedocumenteerde talen is dat goed te doen. Maar het wordt giswerk als de teksten opraken.

Taalfamilies
Om toch enige houvast te hebben, worden talen ingedeeld in taalfamilies op grond van de wel geslaagde reconstructies. Een van deze taalfamilies is het Indo-Europees, waartoe ook het Nederlands behoort. Door overeenkomsten op te sporen, proberen taalkundigen te herleiden waar de taal vandaan komt.

Tegenwoordig spelen computersimulaties een grote rol in onderzoek naar talen. De onderzoeker voert cognaten (woorden die hetzelfde zijn in verschillende talen, zoals ‘nacht’, ‘nuit’ en ‘night’) in, waarna er via ‘trial-and-error’ geprobeerd wordt om een gemeenschappelijke eigenschap te vinden. Als de resultaten bekend zijn, worden de parameters gewijzigd en wordt weer gekeken wat een zoektocht naar gemeenschappelijke eigenschappen oplevert. Uit een recent experiment bleek dat grammatica ‘een gefossiliseerde toevalligheid’ is, die is doorgegeven aan volgende generaties. Wat de consequenties van deze resultaten zijn, moet nog blijken.

In het volgende deel van deze reeks: het Indo-Europees

Bronnen:
Talen van de wereld: http://nl.wikipedia.org/wiki/Talen_van_de_wereld
Glottogonie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Glottogonie
Taal: http://nl.wikipedia.org/wiki/Taal
De Grote Taalatlas: http://www.wiedenhof.nl/ul/tk/pbl/atlas/
Babel or babble, artikel in The Economist van 14 april 2011: http://www.economist.com
Over Chomsky: http://www.chomsky.info/